Verleden, heden, toekomst

Home > Inwoners > Verleden, heden, toekomst

Verleden, heden, toekomst

Zonder kennis van het verleden is het maken van een visie niet mogelijk. Dit gaat over de toekomstige ontwikkelingen van Zoetermeer. Als je daaraan werkt is het altijd goed om ook even achterom het verleden in te kijken. Je ziet dan mooi hoe een stad constant in ontwikkeling is.

Het Zoetermeer van toen en nu

De visie Binnenstad komt niet zomaar uit de lucht vallen. Dit gaat over de toekomstige ontwikkelingen van Zoetermeer. Als je dat doet is het altijd goed om ook even achterom het verleden in te kijken. Je ziet dan mooi hoe een stad constant in ontwikkeling is. Hieronder een overzicht van het Zoetermeer van toen en nu.

Is Zoetermeer een jonge gemeente? Dat is waar én niet waar. Waar, als het gaat om de huidige omvang van de stad. Niet waar, als het gaat om de plaats in de geschiedenisboeken en het bestaan van een gemeente met de naam Zoetermeer. Zoetermeer is een stad die zich nadrukkelijk bezighoudt met het heden en met de toekomst. Een cultuur die voortkomt uit de gigantische bouwopgaven waar de stad de afgelopen tientallen jaren voor heeft gestaan. En dat gebeurt nog steeds, zoals in de jongste wijk Oosterheem te zien is.

Oog voor het verleden

Dat betekent niet dat Zoetermeer geen oog heeft voor het verleden. Voor 1100 was er al sprake van een vissersdorpje Zoetermeer. In de jaren '60 van de vorige eeuw tot nu groeide het boterdorp van toen uit tot de huidige stad. Die geschiedenis is te boeiend om te vergeten.

Stedelijk leven vanaf de middeleeuwen

In de Dorpsstraat ligt de oorsprong van het stedelijk leven in Zoetermeer. Hier woonden al in de 13de eeuw mensen, zo blijkt uit opgravingen. De Dorpsstraat lag halverwege de doorgaande route van Den Haag naar Gouda, en hier kruiste de weg met de vaarroute tussen Leiden en Delft. Sinds die tijd ontwikkelde de straat zich tot een belangrijk verkeersknooppunt, wat eeuwenlang goed voor de economie is geweest . De Dorpsstraat werd een geliefde overnachtingsplek tussen de grote steden, waardoor er verschillende herbergen waren. Ook kwamen er handels- en nijverheidsbedrijfjes. Dit zorgde ervoor dat de Dorpsstraat een levendige ontmoetingsplek werd, dat uiteindelijk in de jaren '50 van de vorige eeuw het voorzieningencentrum werd voor de eerste wijk van Zoetermeer: het Dorp.

De eerste jaren als groeikern

Na de Tweede Wereldoorlog was er door alle verwoestingen landelijk een groot gebrek aan woonruimte. Zoetermeer kreeg daarom van het Rijk de vraag om een structuurplan te maken voor een stad met 100.000 inwoners; het begin van de groei van het dorp Zoetermeer naar een complete stad.

In 1962 kreeg Zoetermeer officieel de status van groeikern en ging snel en planmatig uitbreiden. De Dorpsstraat bleek al snel te klein om als voorzieningencentrum te blijven functioneren. Daarom kwam er een tijdelijk noodwinkelcentrum op de plek van het huidige Soeterweijde.

Het nieuwe stadscentrum: planvorming

In jaren '70 was Zoetermeer tienduizenden inwoners rijker en werden er plannen gemaakt voor de bouw van een nieuw stadscentrum. De doelstelling van de gemeente was: 'het realiseren van een stadscentrum als ontmoetingsplaats voor de bewoners en als hoogtepunt van het stedelijke leven'.

Burgers waren onder andere door een oproep met geluidswagens uitgenodigd om mee te denken met de plannen, en zij bleken een menselijk, leefbaar en gezellig stadscentrum te wensen. Daarom koos het stadsbestuur voor een stadscentrum met de structuur van een historische binnenstad: smalle straten met beschutte pleinen en een mix van winkels, woningen, bedrijven en recreatieve voorzieningen.

Het plan was voor een deel vernieuwend: er werd gewerkt met verschillende niveaus. Fietsers, voetgangers en winkelend publiek konden op begane grond niveau door het stadscentrum. Voor auto's, parkeerplekken en de stadslijn van Zoetermeer (nu de RandstadRail) was er ruimte op een niveau daaronder en aan de randen van het centrum. Winkelend publiek loopt nu dus over (geparkeerde) auto's en de RandstadRail heen.

Positie Dorpsstraat

Toen er plannen werden gemaakt voor het nieuwe centrum, ontstond een uitgebreide discussie over de vraag of de Dorpsstraat hier onderdeel van uit moest gaan maken. In sommige plannen werd zelfs voorgesteld om de historische bebouwing van de Dorpsstraat te slopen. Uiteindelijk werd ervoor gekozen om de Dorpsstraat niet tot het nieuwe centrum te laten behoren, maar als wijkcentrum voor het Dorp te laten functioneren. Door de Dobbeplas vervolgens te vergroten werd letterlijk de afstand tussen de Dorpsstraat en het nieuwe stadscentrum vergroot.

Economische tegenwind

In 1978 ging de eerste paal voor het nieuwe centrum de grond in. De start was voortvarend. Maar er was landelijk een economische crisis, waardoor de ontwikkelaars van het stadscentrum wilden terugvallen op een door hen al eerder beproefd en veilig concept: een overdekt winkelcentrum zoals Hoog-Catharijne in Utrecht. Toch hield de gemeente vast aan het plan van een historische binnenstad met winkels in de openlucht en woningen erboven. Het Stadshart is uiteindelijk grotendeels gebouwd volgens dat plan.

De economische crisis leidde wel tot bezuinigingen. Zo is de architectuur sober gehouden. Ook zijn er geen winkels gekomen op de begane grond van de gebouwen aan de Markt. En de hoogte van de ruimtes op de begane grond is verlaagd, waardoor het niet meer mogelijk is om hier later alsnog winkels in op te nemen.

Jaren '80 en '90: Stadshart en Woonhart

De bouw van het nieuwe stadscentrum vorderde gestaag. Naast het winkelgebied met erboven de woningen, kwamen ook nieuwe woonbuurtjes tot stand, zoals de Griekse buurt. De Stadshartpassage, het enige overdekte gedeelte van het stadscentrum, opende In 1990 haar deuren. In de loop van de jaren '90 volgden de bouw van het Stadstheater, de bioscoop, verschillende woontorens en een winkelgalerij langs de Waranda. Al deze ontwikkelingen van het centrum werden het Stadshart Zoetermeer genoemd.

In de tweede helft van de jaren '90 ontstond in het centrum het Woonhart aan de Europaweg. Hier kwam detailhandel gericht op het thema 'wonen', zoals meubel-, bedden- en keukenzaken, met daarboven appartementen.

Opwaarderen Dorpsstraat

Intussen ging het steeds minder goed met de Dorpsstraat, omdat ze nu 'slechts' wijkcentrum was voor het Dorp. Ondernemers gingen failliet en er ontstond een steeds grotere leegstand. Daarom kwamen de gemeente en ondernemers eind jaren '90 met een ontwikkelingsvisie voor de Dorpsstraat. De historische setting bood goede kansen voor culturele voorzieningen, speciaalzaken en horecagelegenheden. Zo kreeg de Dorpsstraat weer een functie voor de hele stad en was zij onderscheidend ten opzichte van het moderne stadscentrum.

Nieuwe projecten

De bouw van het stadscentrum heeft nooit stilgestaan. Een paar jaar geleden werd aan de westkant van het Stadshart Spazio gerealiseerd; een moderne uitbreiding met winkels, appartementen en kantoren. De 'ufo' waarin een sportschool is gevestigd werd de blikvanger van het project.

Ook voor de nabije toekomst zijn er plannen in de maak. Met het project Cadenza zal wonen en winkelen mogelijk worden gemaakt aan de oostkant van het Stadshart.

Andere maatschappij

Tegenwoordig is er steeds meer sprake van een zogeheten 'netwerksamenleving'. Iedereen verplaatst zich veel gemakkelijker en is niet meer gebonden aan één bepaalde plek. Hierdoor gaan Zoetermeerders niet alleen naar hun eigen stadscentrum, maar ook naar dat van Den Haag, of naar centra als Leidsenhage (Leidschendam), Alexandrium (Rotterdam) of De Boogaard (Rijswijk).

Vrijetijdsbehoeften veranderen ook. Consumenten gaan nu gerust een hele ochtend of middag winkelen. Een terrasje pakken voor een drankje of lunch is daarbij niet vreemd, terwijl winkelen vroeger nuttig was en terrassen voor op vakantie waren.

Stadscentra moeten steeds in blijven spelen op dit soort veranderingen. Alleen dan blijven ze een interessante plek om te bezoeken, om er te wonen of een bedrijf te runnen.

Voortzetten doelstelling

In het verleden waren de doelen voor het stadscentrum naast een levendige ontmoetingsplek vooral ook een menselijk, leefbaar en gezellig stadscentrum. In de Stadsvisie 2030 geformuleerde opgave om het centrum door te ontwikkelen tot een sfeervolle, bruisende en veilige binnenstad sluit hier goed op aan.