Luizenplaag

Home > Inwoners > Plagen en ziekten > Luizenplaag

Luizenplaag

luizenplaag

Elk jaar leidt honingdauw, een plakkerige afscheiding van luizen, een paar maanden tot overlast. Een flinke waterstraal op aangetaste bomen of struiken spoelt de luizen weg. Honingdauw op auto’s en tuinmeubilair kunt u gewoon afwassen.

Bij aanplant van bomen in de stad kiest de gemeente voor bomen die niet zo gevoelig zijn voor aantastingen door luizen, maar luis helemaal voorkomen is niet mogelijk. Bomen hebben er zelf niet zo veel last van en gaan niet dood. In de meeste gevallen duurt de overlast voor mensen gemiddeld drie maanden. De gemeente spuit niet met chemische middelen. Dat is schadelijk voor insecten die wel nuttig zijn. Luizen worden weer gegeten door onder andere lieveheersbeestjes en vogels.

Meer over luizen

Luizen zijn altijd te vinden op sappige en jonge plantendelen, zoals bloemknoppen en ontluikende blaadjes. Iedereen heeft wel eens rozenknoppen vol met luizen gezien. Van lindebomen is het ook bekend, maar in bomen zoals esdoorns, essen, haagbeuken en eiken kunnen ook luizen voorkomen.

Luizen zuigen plantensappen uit de jonge delen van planten. Ze prikken de blaadjes aan en halen suikers eruit. Hun afvalstoffen bevatten nog veel suikers en de luizen scheiden ze als zoete, kleverige druppels uit. Dat wordt honingdauw genoemd en veroorzaakt de plakkerigheid. Vervolgens vestigt de roetdauwschimmel zich op de honingdauw en doet zich tegoed aan de suikers uit de honingdauw en veroorzaakt de zwarte aanslag.